Cahier is een tijdschrift voor psychoanalyse en cultuur van de V.Z.W. De Oor-Zaak
Hieronder lees je de editoriaal van het laatste nummer. Zo krijg je een idee van wat dit nummer te bieden heeft.
EDITORIAAL
Marie-Anne Devreese
We leven in een eeuw waarin het genot een steeds grotere plaats inneemt en waar de plaats van de vader steeds minder van tel is.
‘Notities betreffende het debat over het Nieuwe’ is de neerslag van bedenkingen waarin Araceli Fuentes zich afvraagt hoe de psychoanalyse zich verhoudt tegenover het nieuwe. Bij een deelname aan een debat over verschillende soorten oudergezinnen bleef de auteur bij de stelling dat, als psychoanalytici, men enkel datgene kan doorgeven wat het analytisch discours ons onderwijst.
Zij bekijken het nieuwe zonder het onmiddellijk dicht te gooien met betekenis. Wat is het nieuwe? Ouders (homo’s, eenoudergezinnen, …), het kapitalistisch discours, de identiteit ‘gay’, de vooruitgang van de wetenschap.
In ‘De therapie van het symptoom of het therapeutisch symptoom’ heeft J P Klotz het over het meest singuliere van de analytische ervaring.
In de psychoanalyse is er alleen een symptomatische behandeling. Men werkt er met het symptoom daar het symptoom de partner van het subject is. Er zijn twee polen aan het symptoom: de boodschap die symbolisch kan vertaald worden en de genieting van het symptoom. Het symptoom is eigen aan het subject en is een behandeling van het reële bij middel van het symbolische. De analytische ervaring kan een verandering bewerkstelligen in de verhouding van het subject tegenover zijn symptoom, van het symptoom als disfunctionerend naar het symptoom als functionerend.
De eeuw van genot en geluk, hier en nu, maakt dat de patiënt zich op een andere manier verhoudt tegenover zijn ‘ziekte’-symptoom. In het artikel "In Ziekte en gezondheid" lees je dat de tijdsgeest effecten heeft op de geneeskunde als klinische praktijk.
Zo zien we in de fertiliteitkliniek niet enkel patiënten die een steriliteitbehandeling vragen. ‘Het recht op ouderschap’ doet de medische wereld technieken ontwikkelen waarvan men de gevolgen niet kan inschatten.
De rechten van de patiënt dreigen de plichten van de artsen te worden. Het symptoom wordt als een gedrag gepresenteerd en de patiënt bevraagt zich niet meer. Op die manier is het moeilijk om van een klacht een analytisch symptoom te maken en ermee aan de slag te gaan.
Hoe werkt de overdracht binnen de kuur met een dwangneuroticus? Vormt de vrije associatie een obstakel voor de obsessioneel? Dit zijn de twee grote vragen die Lucie Wolf zich stelt in ‘De overdracht binnen de dwangneurose’
Als antwoord geeft ze aan dat het erom gaat de plaats van het verlangen te bewaren buiten elk antwoord of verstaan van de vraag. Voor haar is het opschortend scanderen zeer werkzaam. Het markeert een stoppunt en toont aan dat niet alles kan gezegd worden. Het verhindert ook dat het spreken kan geritualiseerd worden.
Zij illustreert dit met een klinisch vignet.